Duo Klets en Zwets

Duo Klets en Zwets:

Duo Klets en Zwets was een zeer succesvol Blericks duo, dat altijd optrad bij Blerickse Revues. Klets werd vertolkt door Louis Verheijden en Zwets door Sjeng Vincken.

Reikhalzend werd door de revue-bezoekers in de veertiger en vijftiger jaren uitgezien (na de pauze) naar het optreden van Klets en Zwets, rollen die vertolkt werden door Louis Verheyden en Sjeng Vincken. Louis was ruim veertig (*7 augustus 1904) en Sjeng midden veertig (*8 september 1899) toen zij hun grote succes vierden. Klets en Zwets was geïnspireerd op Snip en Snap, c.q. Willy Walden en Piet Muyselaar, alhoewel het genre hoe langer hoe meer ging afwijken. Dat kwam, omdat het duo Verheyden-Vincken ’n aantal plaatselijke gebeurtenissen en toestanden ging ”beroddelen”.

Het refreintje van het liedje, dat ’t optreden inluidde was altijd:
“Weej zien twië maedjes, möste good begriëpe.
Dae wat gedaon haet, pakke we beej zien haor.
Weej zulle de kat
neet in d’n duustere kniëpe,
Maar alles waat weej zegge,
Dao is wet van waor ”!

De teksten van de roddelarijtjes werden altijd door Louis en Sjeng zelf gemaakt. Maar… al repeterende bleef men aan het schaven. Zelfs nog kort voor de première werden de teksten verbeterd en aangepast. Het is voorgekomen, dat de meeste Flarussenleden op de eerste avond nog nauwelijks wisten, waarmee de beide revuecracks kwamen. Als de twee eenmaal van achter de gordijnen (de een van links, de ander van rechts; soms ook van achter uit de zaal) in de schijnwerpers stonden, hadden ze van zenuwen geen last meer. Rolvastheid was er nooit bij, want ’t waren rasimprovisators. Als de draad van het verhaal maar klopte en ze van elkaar wisten wat ze globaal moesten zeggen, dan liep de zaak gesmeerd, want ze voelden zich uitstekend aan.

Een van de geweldige staaltjes van improviseren, was eens toen Louis Verheyden de tekst van Sjang Vincken per ongeluk uitsprak. ’’Nae det mot ik zegge”, zei Sjeng Vincken. ’Gank, det is neet waor”, was het tegenspel. Vervolgens maakten beiden er een nee-ja-spelletje van, tot groot vermaak van het publiek. Tenslotte stelde Louis voor om de souffleur/regisseur er bij te halen. Dat gebeurde. Sjeng Vincken kreeg gelijk (wat Louis ook wel wist), waarna werd gezegd: ”Zoë en dan beginne we nöw opniej”. Hierna speelden ze de scene over, doch dan elk in z’n eigen rol. Groot succes !

Een ander grapje, dat eens werd uitgehaald was, dat ze begonnen te roddelen over ”Det lank met det kort bönt-mentelke”. Pure fantasie, maar enkele dagen later wist iedereen wie bedoeld werd! Gerepeteerd werd altijd op donderdagavond. Drie weken voor een première kwam er een repetitie bij. Voorts werd er veel thuis gerepeteerd. ”Tot op de w.c.” … aldus de grapjassen, van wie onvergetelijk is de sketch ”Ut geitje”. Plaats van handeling: de rechtszaal, want Louis heeft een geitje geslacht (clandestien) voor z’n zes kinderen, die honger hadden. Het aantal kinderen blijft (al verdedigende) groeien, de termen als edelachtbare, weledelgestrenge enz. worden door mekaar geklutst en omdat de rechter zich moet kunnen indenken wat de verdachte allemaal doormaakt, zit de rechter tenslotte in de verdachtenbank.

In Blerick wordt nog vaak met weemoed aan de grote dagen van de revue en aan Klets en Zwets teruggedacht ! (uit boek Blariacum, Blerke, Blerick door Gerrit Gommans).


Datering foto tussen 1946 en 1960
Fotograaf Onbekend
Collectiehouder Frits Peeters
Plaats Blerick
Wijk Blerick-Centrum
Rubriek → Subrubriek -

Meer info

Opmerking:
H O K M N
 
  • beeldbank/213d0521/2020-10/mbb_00004071.txt
  • Laatst gewijzigd: 2023/01/24 23:04
  • (Externe bewerking)
  •  |  Gerealiseerd met Haima logo